Als veertjes

Zonnegloed
Werpt ons anjelieren toe
Oranjerood, even
Bloeiend

Het daglicht wil blijven
Het geluid op straat

Maar brandende koren
Betreden hun nagalmen
Om genitale akkoorden over te leiden
Van schok naar leegte

Waarna wroegingen zich roeren, eenzaam
Als veertjes in vogelgeraamten