De destillatietoren van een raffinaderij, de beschutte
duinkom erachter, daar weer neer te strijken
na al die tijd
de zee bleekcitroengeel, groengoud – jij
was altijd beter in kleuren
je afwezigheid
een diep ademend rood
dat zich soms over me uitgiet als de tinten van de
zon, ondergang, warmte, het
zegt ik besta nog
als het broze, licht
als een vogel
die af en toe terugkeert
en gaat zitten op een plek
die er niet meer is

